dooreenhalen

Néerlandais

Étymologie

Composé de dooreen et halen.

Verbe

dooreenhalen \Prononciation ?\ transitif

Présent Prétérit
ik haal dooreen haalde dooreen
jij haalt dooreen
hij, zij, het haalt dooreen
wij halen dooreen haalden dooreen
jullie halen dooreen
zij halen dooreen
u haalt dooreen haalde dooreen
Auxiliaire Participe présent Participe passé
hebben halen dooreend dooreengehaald
  1. Confondre, troubler.

Synonymes

Vocabulaire apparenté par le sens

  • overhoophalen