neergelegd
Forme de verbe
neergelegd \Prononciation ?\
- Participe passé de neerlegg’n.
Références
- Mathilde Jansen, Nicoline van der Sijs, Fieke van der Gucht, Johan De Caluwe, Atlas van de Nederlandse Taal, Lannoo, 2017, page 135
neergelegd \Prononciation ?\